Mijn Transcontinental Race

De laatste dagen voor de TCR liep de spanning flink op. De route was gepland, de fiets had een laatste check gehad door Kaptein tweewielers, m’n training zat erop en m’n spullen stonden klaar. Het enige wat nu nog restte was wachten tot de start. En met het wachten kwamen de  zenuwen, de laatste 2 dagen had ik het echt niet meer. Ik was dan ook blij toen ik eindelijk op pad kon.

Donderdag ging ik op weg naar de start, met de trein naar Brussel en het laatste stukje op de fiets naar Geraardsbergen. ’s Avonds op een terras met wat andere deelnemers de eerste pasta gegeten en de laatste biertjes gedronken en onze verwachtingen uitgewisseld. De laatste dag voor de start stond in het teken van registreren, eten, rusten en de zenuwen in bedwang houden. Met name de laatste uurtjes tot aan de start duurden een eeuwigheid, gelukkig waren Stef, Lis en Rebecca er om me gezelschap te houden. Het plan was om in de laatste uurtjes zoveel mogelijk te eten, maar de realiteit was dat ik geen hap door m’n keel kreeg. Na een halve pizza calzone was het tijd om richting de start te gaan. Hier wemelde het van de deelnemers die een laatste biertje dronken, probeerden te slapen of afscheid namen van hun meegereisde supporters. Hier viel gelukkig de spanning van me af en om middernacht werden we dan eindelijk op pad gestuurd. Na een ronde door Geraardsbergen starten we officieel aan de voet van de Muur.

Eenmaal op weg was het een fantastisch gevoel, bij iedereen was duidelijk merkbaar dat alle spanning en maanden van voorbereiding tot uitbarsting mochten komen. The race was on!

Tijdens de eerste nacht reed ik samen op met David Goldberg, een Amerikaan die al veel van dit soort tochten had gedaan en die ik nog wat tips kon ontfutselen. Rond een uur of 3 reed ik alleen en tegen zonsopgang voelde ik de eerste vermoeidheid. Voor deze echt door kon zetten werd ik verrast door een regenbui die er voor zorgde dat ik direct m’n droge kleren en regenkleding moest gaan aantrekken. De eerste ochtenduren waren zwaar in de regen en een stormwind tegen. Ik had het koud en zag geen andere deelnemers meer tot ik een klein dorpje in reed waar bij een bakker plots 4 fietsen stonden. Heel fijn om in de vroege ochtend wat medestanders te vinden om croissants en cola weg te werken en een beetje op te warmen.

Dag 1 verliep verder prima. Ik reed constant tussen de andere deelnemers, wat erg motiverend werkt en een klein probleempje met m’n GPS tracker kon snel opgelost worden. Wel verloor ik mijn bril, die onder een auto belande en op 1 poot verder moest. Verder verloor ik mijn natte shirt, dat ik blijkbaar niet goed had vastgebonden toen het hing te drogen aan mijn tas. Gelukkig kwam ik er binnen 1 km. achter en was er iemand zo vriendelijk geweest het aan een paal te binden. In het noorden van Frankrijk bleek weinig eten verkrijgbaar te zijn, dus het dieet bestond uit energierepen, bananen en een blik ravioli van de Aldi die wel open was. Tegen het einde van de dag belanden we met 5 man in een café waar chocoladerepen het enige eetbare waren. De voorraad was binnen no-time op en met een paar blikken cola erbij was dit het diner voor dag 1. Een Kroaat, die net als wij 350 km in de benen had dacht daar anders over: Hij bestelde 2 bier, sloeg ze achterover en was als eerste weer vertrokken. Na nog een uurtje rijden vond ik een mooi stenen huisje langs de kant van de weg, waar ik precies in paste met m’n fiets en m’n slaapmatje. Ik sliep als een roos, dag 1 was goed verlopen met 350 km op de teller en een goede nachtrust voor de boeg.

Aan het begin van dag 2 liet het gebrek aan eten zich voelen. Om 5 uur vertrok ik, ik had het koud en kreeg de trappers niet rond. Een eerste ontbijt hielp niet, dus besloot ik maar een tweede keer te stoppen. Een stokbrood met een paar flinke stukken kip en een kop koffie hielpen beter. Na de stop vloog ik weer over de weg. Ik kwam al snel m’n Kroatische biervriend weer tegen en gaf vol gas om de eerste slechte uurtjes goed te maken. Ik was lekker op weg en tegen 2 uur vond ik gelukkig een restaurant open voor lunch. Na m’n lunch heb ik wat fruit en noten ingeslagen zodat ik er weer even tegenaan kon. Na de middag moest ik behoorlijk wat hoogtemeters maken en zag ik geen enkele andere deelnemer meer. Er zit dan niks anders op dan verstand op nul en doorgaan. Aan het begin van de avond werd ik bij het binnenrijden van een dorp tegengehouden door een gendarme die me vertelde dat er een wielerwedstrijd bezig was. Nogal komisch, want ik deed al 2 dagen niets anders dan racen. Bij een eetcafé in dat dorp heb ik eten besteld, blijkbaar zoveel dat ze de tafel maar voor 2 dekten. Na het eten leidde m’n route me een steile klim van >10% op en toen ik boven was veranderde het asfalt ook nog in grindpad. Op zo’n moment vraag je je echt af wat je daar in godsnaam aan het doen bent. Later op de avond had ik weer een vermoeidheidssignaal toen ik 100 meter na een stop ontdekte dat m’n tas nog openstond. Tegen een uur of 10, met 275 km op de teller hoopte ik een hotel te vinden, maar ik kwam er helaas alleen een tegen van 140 euro per nacht. Toen ben ik maar weer in een stenen huisje beland, hetzelfde idee als de dag ervoor, maar dan langs een drukkere weg en met een lek dak. Midden in de nacht werd ik opgeschrikt door een schreeuwende man, m’n hart zat in m’n keel, maar gelukkig verdween het geluid weer en was ik moe genoeg om snel weer in slaap te vallen.

Aan het begin van dag 3 merkte ik dat ik meer slaap nodig had dan ik hoopte. Door m’n verstoorde nachtrust vond ik dat ik wel even mocht snoozen en zo werd het 7 uur voor ik weer op de fiets zat. In het eerste dorpje dat ik tegenkwam heb ik een nieuwe zonnebril gekocht, modelletje P Diddy, maar alles beter dan prikkende ogen van de zon, wind en vliegjes. De eerste uren waren wisselvallig qua weer, wat zorgde voor veel stops om kleding te wisselen en weinig ritme. Mijn ontbijt bestond uit energierepen, brood, kip en yoghurt. Ontbijt 2 was een couscoussalade bij een supermarkt op de stoep. Voor de lunch was er geen andere keuze dan een restaurantje waar ze enkel steak serveerden. Na de lunch werd mijn route gelukkig wat vlakker. Hier realiseerde ik me ook dat ik de geplande 300 km voor deze dag nooit ging halen en maar gewoon moest doorgaan en kijken waar ik uit zou komen. In Hautreville besloot ik te gaan dineren. De serveerster vroeg of ik het menu wilde, ik verwachte een kaart, maar bleek het dagmenu te hebben besteld. Weer steak!! Nadat ik deze ook weer had weggewerkt reed ik naar het volgende dorpje waar ik Charlotte en Jorien ontmoette. Zij hadden een weekend bij de Mont Ventoux doorgebracht en zochten me hier op. Echt enorm fijn om Charlotte even te zien. Dit gaf weer een goede mentale boost. Na 3 dagen fietsen was ik wel toe aan een douche, dus besloot ik na 215 km in Romans een hotel te pakken. Hier kon ik me opfrissen en een goede nacht in een bed maken.

Dag 4 had ik de Mont Ventoux in het vooruitzicht. Ik startte 6.50 vanuit Romans en bij de eerste ontbijtgelegenheid heb ik me goed volgestopt. Een minipizza, punt quiche, chocoladebroodje, tosti, rozijnenbroodje en 2 energierepen moesten me de eerste uren door helpen. De route deze dag was prachtig. Veel dalen in de morgen en daarna nog een flinke col op voor ik aan de afdaling richting de Ventoux begon. Voor Malauscene heb ik gelunched bij de Lidl. Ik had inmiddels ontdekt dat eten bij de supermarkt sneller, goedkoper en voedzamer is dan bij veel restaurants. Voorbij Malauscene ontmoette ik m’n ouders die me tot aan de top bleven volgen, aanmoedigen en fotograferen. De Ventoux zelf ging prima, in ruim 2,5 uur was ik boven, inclusief 3 stops waarvan 1 omdat ik realiseerde dat de chocoladereep in m’n zak aan het smelten was en ik deze snel moest opeten om nog wat energie mee te pakken. Op de top van de Ventoux was checkpoint 1 bereikt in 3 dagen, 16 uur en 20 minuten. Ongelooflijk om te beseffen dat ik hier op de fiets was gekomen. Ook was het fijn om eindelijk weer andere rijders te zien, voor het eerst in 56 uur! Maar ik voelde me goed en wilde daarom graag door. Ik ben afgedaald naar Sault, waar ik 2 bakken pastasalade heb gegeten voor de volgende klim op het programma stond. De Col de l’homme mort. Zo’n naam geeft de burger moed. Ook deze beklimming ging prima en de afdaling die volgde was schitterend. 30 Km glooiend naar beneden, door een vallei tot aan Laragne, waar ik weer een hotel heb gepakt. 240 km op de teller en met toenemende pijn in m’n linkerknie besloot ik dat ik weer een goede nachtrust nodig had. Ik kon terugkijken op een prachtige dag, schitterende route, goede benen en support van Charlotte gister en m’n ouders vandaag hadden me goed gedaan.

Op dag 5 zat ik om half 7 op de fiets. Voor ik vertrok zag ik dat er nog een rijder in Laragne sliep en dat deze net vertrokken was. Deze rijder bleek de helft van een duo te zijn dat ik al snel inhaalde en de hele dag tegen bleef komen. Het was even zoeken naar ontbijt en ik was dan ook blij toen ik eindelijk een supermarkt vond die open was. Ik had m’n mandje al vol met goed eten toen een dame me kwam melden dat ze nog dicht waren. Ze was onverbiddelijk, zelfs toen ik uitlegde wat ik aan het doen was. Gelukkig verstond ze geen Nederlands. Ik ben weer op m’n fiets gestapt, heb nog ergens een koffie gedronken en vond 10 km later een goed ontbijt en nieuwe batterijen voor m’n Garmin. Al snel belande ik op de N94, de weg die leidde naar de Italiaanse grens. Dit was de eerste ‘N’ weg die ik reed en ik vond het verschrikkelijk. De auto’s razen vlak langs je heen en ik durfde nauwelijks m’n bidon te pakken uit angst dat ik zou slingeren. Vlak voor Briancon belande ik met het Duitse duo nr. 181 en een Zwitser bij een supermarkt voor lunch. Hierna was het flink klimmen richting de grens. M’n knie begon hier behoorlijk pijnlijk te worden en ik moest steeds meer met 1 been trappen. Uiteindelijk bereikte ik de Italiaanse grens bij Montgenevre en na een korte afdaling was het nog 10 km klimmen naar het tweede checkpoint in Sestriere. Waar de Ventoux de dag ervoor nog goed ging was deze klim een drama. Ik kon maar met 1 been kracht zetten en stond bij elke pedaalslag bijna stil. Op dit punt besefte ik me dat ik met deze knie niet naar Istanbul kon fietsen. De Strade Del Asietta was nu echter zo dichtbij dat ik deze zeker nog moest doen. Om 6 uur en met slechts 155 km op de teller kwam ik boven. Waar ik vooraf had bedacht om vandaag ook nog het 40 km lange onverharde parcours over de Strada del Asietta te doen was er nu geen denken aan. Ik was te vermoeid en bovendien zag het weer er slecht uit, het was geen goed idee om op dat moment alleen naar 2500 meter te klimmen. Ik belande op een kamer met Eric Doll, een Brit met Turkse roots die de volgende dag van zijn fiets gereden zou worden in Turijn en op een andere fiets de race heeft voortgezet. Bij de pizzeria heb ik met Eric gegeten met 2 Nederlandse vrijwilligers die het checkpoint bemanden en ging hierna slapen vol hoop dat het morgen beter zou gaan.

Dag 6 begon direct vanuit Sestriere met de beklimming van de Asietta. Eerst 6 km omhoog en daarna 35 km op en af over onverharde wegen, tot een hoogte van zo’n 2500 meter. Hoewel het zwaar was en soms erg technisch op de grindpaden genoot ik van elk moment. De uitzichten waren prachtig, ik had goede controle over m’n fiets op de technische stukken en lekke banden bleven me bespaard. Als afsluiter van de checkpoint 2 route beklommen we de Col del Finestre van de asfaltkant om via de onverharde weg af te dalen naar Meana de Susa. Wederom een erg technische route, met verkrampte vingers van het remmen kwam ik beneden. Vanaf hier stonden honderden vlakke kilometers door de delta van de rivier de Po te wachten.

Eenmaal op het vlakke merkte ik echter direct dat m’n knie het niet toeliet om snelheid te maken. Met een gangetje van 20 km/u op een aflopend stuk weg peddelde ik door, beseffende dat het zo niet ging. Tijdens een lange lunchstop besloot ik om een hotel in Turijn te boeken en daar een laatste nacht te slapen voor ik definitief een beslissing zou nemen over doorgaan of niet. Eenmaal in het hotel wist ik vrij zeker dat ik moest stoppen, ik wilde niet het risico lopen om maanden te moeten revalideren na een knieblessure en Istanbul was nog lang niet in zicht.

De volgende ochtend besloot ik de organisatie te mailen dat ik uit de race was. Ik pakte m’n spullen, zette m’n tracker uit en ging richting het station. Op weg naar het station kwam de teleurstelling binnen, ik overwoog een moment om toch door te gaan, maar voelde ook weer direct dat het echt niet ging. Vlak voor ik bij het station was kwam er nog een Italiaanse fietser naast me rijden die me herkende als deelnemer en met me op de foto wilde. Hij volgde de race op de voet, leuk om te merken hoe mensen meeleven.

Vanuit Turijn ben ik met de trein naar Aosta gereisd, al in de trein had ik m’n lijstje compleet met alles wat ik de volgende keer anders zou doen.  De dag er na heb ik een bus gepakt naar Martigny, weer een dag later ben ik naar Lausanne gefietst en daar hebben m’n ouders me op de terugweg van hun vakantie opgepikt.

Het was een geweldige ervaring om mee te doen aan de TCR. Europa veranderd voor even in één groot speelbord en je bent zelf één van de poppetjes die zich daarover bewegen. Het slapen langs de weg, dealen met alles wat er op je pad komt, zoeken naar water en eten, de vermoeidheid en pijntjes, de andere deelnemers die je tegenkomt onderweg, allemaal met hun eigen verhaal. Zoveel dingen maken het een prachtige ervaring.

Toch baal ik dat ik zo vroeg in de race al last van m’n knie kreeg. Ik heb fysiek niet alles eruit kunnen halen door m’n knie, terwijl ik me verder nog prima voelde. En ook de mentale strijd waar ik me op had voorbereid is nooit echt aan de orde gekomen. M’n eerste reactie toen ik stopte was dan ook direct dat ik het nog een keer zou proberen. Nu een paar dagen later komt er toch wat meer besef dat ik evengoed een bijzondere prestatie heb neergezet en geef ik mezelf in ieder geval 1 jaar bedenktijd voor ik besluit om het nog eens te proberen.

Advertenties

Ready as can be

Preparations finally have come to an end. The last two weeks were only about tapering and eating as much as possible. Luckily I managed to gain some kilo’s before the start. The TCR will be a weightlosing adventure anyway, so I better bring some extra. Furthermore the nerves are growing day by day. Being told by other people all day that the TCR is such an exiting adventure off course doesn’t help keeping yourself calm towards the start.

Tomorrow I travel to Brussel by train and from there I’ll ride my bike to Geraardsbergen for the last night before the start. On Friday there is a registration, a briefing and some time to shop for some good first night/breakfast food. In between I’ll try to get as much sleep as possible to survive the first night in a proper way and be able to maintain my day/night rhytm. My brother and sister will join me for the last dinner before the start and at midnight we will climb the Kapelmuur lit up by 100 torches with 200 cyclists. I’m quite sure this will be a massive farewell for a lonely adventure.

My raceplan goes as far as to see how many kilometers I can do at daytime, eat as much as I can, get some sleep and repeat it the day after. I hope this brings me to Istanbul in time for the finishers party on the 8th of August which means I put in 300 kilometers a day. Of course I thought about a million different scenario’s and situations that might cross my path along the race. But the only way to deal with it is keep calm and see what to do best in each case.

I’m very gratefull to everyone who overloaded me with supporting words and messages the last couple of days. Luckily my girlfriend and parents will cheer me on in the Mt. Ventoux area (only cheering, no help allowed). I’m ready to enjoy the adventure. Maybe I’ll share some pics along the way via Twitter (feed on the bottom of this page), otherwise you can always check where I am using the following link: http://trackleaders.com/transconrace15

Next update after the finish!

  
IMG_4577IMG_4578

Test weekend – 460 km ride

After weeks of selecting kit, planning routes, testing, adjusting etc. it was time to get out there and ride. The plan was to ride the first part of my TCR route during the first two days and move to the Vosges afterwards to do some uphill training. My father would be there with the car till day 3 and I was supposed to ride home after that.

We arrived in Geraardsbergen on Thursdaynight and had a good night of sleep and a big breakfast before we left. We rode to the startline on the Kapelmuur in Geraardsbergen and from there we took off. During the first kilometers some small bike adjustments were made and after that it was all about riding. Already early on the day I discovered that the heat would be my biggest threat. It was about 40 degrees Celsius and I had a hard time handling it. On the hottest moment of the day I decided I had to find shelter in the bushes. So I inflated my sleeping matt and did a quick nap in the bushes along the road. When I started riding again it was already a bit cooler, only 36! For dinner I ended up in the only open restaurant in this remote area in France. I was happy to find out it was owned by a Dutch couple. After a day of struggling in French this was very welcome. I rode a couple more hours after dinner and ended up with the dissapointing amount of 200 km. for the day. I blamed the late start, the heat and the search for water in the remote French areas.

The next day I had a good breakfast in Rethel. I started riding after this and the first 50k. went really smooth. After this someone turned the heaters back on again and my body switched off. In the early afternoon I was struggling to find a good rythm and at some point I was only riding 15k’s per hour. This was were I decided it was enough for today, I was just caught by the heat. So we decided to leave for the Vosges already were we found a nice hotel in Thann.

The next day I took off for my first serious climbing experience. I started with the Grand Ballon from Cernay followed by the Col du Bramont and the Col de la Grosse Pierre. After a big lunch in La Bresse I continued climbing my way out of the Vosges heading for Nancy. At least the Vosges learned me that the climbing part of the TCR is nothing to worry about. My legs felt good and I had little trouble finding a good rhytm. I finished my day in a hotel just after Nancy with 230 km done. Not as much as I hoped for, but the late start and the big amount of climbing were a good excuse.

Mondaymorning I left early with the goal of riding as many km’s as possible to discover my own limits. I wanted to do 100 km every 5 hours. This would bring me to the 300 km mark early in the evening. Everything went smooth through Luxembourg and the Belgium Ardennes, I even ended up riding a part of the Tour de France route that finished at the other Belgium ”Muur”. After the 300 km was done I decided to push on as far as I could. At midnight I decided to get some sleep on a picknicktable in the woods in Flanders. After about 5 minutes I apparently pushed my own bike in my sleep. So it fell on the ground, caused a lot of noise and I scared the sh*t out of myself. I was so awake that I got back on my bike and rode into the night. 24 Hours after I started I found myself being in Eindhoven, having nailed 460 km by being on the bike for 19,5 hours. As I was feeling like a zombie afterwards I did the last part to Amsterdam by train.

The weekend of training with my full kit learned me a lot. I had some trouble to get in the racing mode and struggled with the heat. But the last 2 days went good. I’m confident about my legs for the TCR and have to expect the unexpected to get myself through it mentally and physically.

Kit considerations

It’s been a while since my last blog but preparations haven’t been standing still. The TCR is approaching really quick now so I’ve been making some good training rides. I made a nice biketrip to Germany where I rode the hilly Tecklenburg Rundfahrt together with my father and brother. The Tecklenburg Rundfahrt is a beautiful ride with lots of steep climbs up to 25%. A bit similar to the Amstel Gold Race but without the flat sections.

Besides the training it has all been about bike and kit selection. I know I’m quite late with this but the TCR turns out to be quite an expensive adventure (at least in the way I’m preparing) so I need to do things step by step. Of course bikechoice was my main consideration over the last couple of weeks. First I decided to go for an Italian alu-carbon endurance machine, but after some chaotic Italian delivery struggles I needed to switch to other options because time was running out. Some good advice by my local bikeshop Kaptein Tweewielers in Amsterdam helped me sorting out my options which made me go for the Kona Rove. The Kona website says it is a bike made to ride about anywhere, exactly what I will be needing during TCR 3. The frame and fork are made of steel, of course a bit on the heavy side but it provides me with the reliability I think I will be needing. An extra plus are the multiple options to mount lugage racks. The compact crankset in combination with a 11-32 10 speed cassette should enable me to climb all the crazy checkpoint mountains. I swapped the huge 40mm for 25mm Schwalbe Durano Plus tyres to give me a bit more speed and puncture resistance. And the disc brakes should help me descending safely in all conditions. After some first rides I can conclude that this is a huge leap forward compared to my 15 year old Gazelle.

For my power supply and lights I decided to make use of the great offer by Supernova for TCR participants. A new frontwheel is being built around their Infinity S dynamohub which will keep the Supernova head and taillights shining. To keep my navigation and phone charged I connect the B&M E-werk to my dynamohub. A Cube Array powerbank and a Varta battery charger are connected to the E-werk. I use the powerbank to charge my phone and the battery charger is for the AA lithium batteries that keep my Garmin Etrex 30 navigation running. Finally I bring two 700ml thermobottles to keep my drinks warm or cold and a third bottlecage will be used to hold a bottle filled with my biketools.

There are still some choices to be made. Do I opt for aerobars? And what to do with sleeping, hammock or tarp? When I registred for the TCR I didn’t even know about the existance of half the kit I just mentioned. But once I got sucked in to the whole kitselection thing I had great fun figuring everything out and selecting every piece of kit.

The next few weeks I will focus on riding a hell lot of k’s, finishing my kit and my route planning (nobody warned me about the hell of a job this is). I also need to make some choices on my outfit. Kaptein Tweewielers already helped me filling my very limited TCR wardrobe but there is some limited space left. If anyone else is interested in being part of my adventure and sees fun in me suffering on the European road with your name on my outfit: Please let me know!

I’m off training, Bye!

Training in Limburg

After the first months of training the time was there to give my legs a good test. An estimated 650k in one weekend was scheduled, inluding some climbing on the few hills we have here in Holland. I left on thursday, after some last-minute shopping for a new rear tyre. A nice 150k ride later I ended up in Vessem, a small town in Noord-Brabant where I booked a room through AirBNB. The owners of the place proofed to be cycling enthousiasts too, they visited a lot of European destinations on their rides. So there was enough to talk about after dinner.

The next day was my rest day with only 100k to go untill Schin op Geul. I took it easy and made some photo-stops on my way. My route led me along some Belgium channels where I faced a bit of a headwind. Before I crossed the border again I ran into a small Flemish cycling cafe where they served a delicious home     made pasta for lunch. Exactly what I needed before facing the last windy part. After the lunch I went straight to Valkenburg where I picked up my start numbers for the Amstel Gold Tourride the next day. I finished the last 5k to Schin op Geul and I was the first to arrive there. After a bike-checkup my friends arrived and a good meal and a lot of pre-race fun later we went to bed.

Saturdaymorning we started early for the Amstel Gold Tourride. We agreed to stay together for the first 100k and after the last stop we would see who ended up first on the Cauberg. My legs felt good, so after climbing the Eyserbosweg together I decided to give it a go and left the other behind. My pace was good, I passed a lot of riders and was enjoying the sun. Probably I did that a bit too much and I missed a roadsign. When I was heading straight for the finish without having climbed the Keutenberg I realized I was on the route for the 100k riders. No other option than turning around and cycle back to the point where it went wrong. After my detour I returned on the route and finished the ride. Of course I was the last one to finish so enough stuff to make fun about during the beers afterwards.

After spending the sunday in the sun watching the pro’s riding their Amstel Gold Race there was work to do on monday. I wanted to do the trip back to Amsterdam in 1 day. This meant a 255k ride. I’ve never done a 200+ ride in my life before, so this was quite a challenge. But inevitable as the TCR is approaching fast. Luckilly everything went quite smooth, apart from some navigation-battery problems which will be solved as soon as I got my dynamo hub wheels. At the end of the day my leg were a bit sore, but nothing special for such a ride. I’m happy with the way my body reacted to this ride, because more and longer ones are coming up!

To be continued..

Weekend setupThis is where it starts in JulySee the squirell running up the tree?Beautiful BelgiumBeautiful BelgiumAmstel Gold Group

Preparations continue

After my last post I was amazed by the amount of non-Dutch visitors. Since the number of visitors from abroad exceeds the amount of Dutch visitors I decided to switch to blogging in English.

After my return in Holland I’ve now ridden my first 1500k of training which means my body is now used to my bike again. Now I’m able to specify my training on long distance rides like the TCR. This basically means cycling a hell lot of k’s.  After doing my first ascent training last weekend during the Veenendaal – Veenendaal Tourride next weekend I’ll visit Limburg to add some more ascent to my training. On Thursday and Friday I’ll cycle from Amsterdam to Schin op Geul in two stages of 120k. On Saturday the Amstel Gold Tourride 150k is scheduled. Sunday will be a nice day of rest and watching the pro’s. On Monday I will do my first real long distance training by cycling back the 250k to Amsterdam in one day. I’m curious how my body will react to this. Anyway, no matter what the outcome is, many long distance rides will follow in the next couple of months.

While the training on the bike is getting more intensive, the same holds for the preparations off the bike. Routeplanning proves to be an adventure on its own. Do I opt for the shortest route? Or do I preferto avoid climbs? Do I choose the scenic route? Or the straight one? In my case I will opt for the shortest route, avoiding unnecesary climbs and city centers. My kit is being prepared as well. Because of my trip to Limburg I already bought 2 framebags to carry my lugage in a comfortable and dry way. I expert to have my new bike next month. After that the real finetuning can start. Till that time I’ll ride my k’s on the old Gazelle that is still going strong!

Gazelle ready for Limburg
Gazelle ready for Limburg

1 Maand voorbereiding achter de rug

De ruim 4.000 kilometer die tijdens de Transcontinental afgelegd moeten worden vergen natuurlijk de nodige voorbereiding. Met lede ogen zag ik dan ook al maanden aan hoe vele deelnemers de eerste duizenden trainingskilometers op Strava noteerden, terwijl ik zonder fiets door Zuid-Amerika aan het reizen was. Dit was natuurlijk zeker geen straf, maar bij terugkeer in Nederland stond ik wel te popelen om op de fiets te springen om zelf ook eindelijk aan de voorbereiding te beginnen.

Helaas was ik zelf eerder in het land dan mijn racefiets, die nog ergens tussen Suriname en Nederland ronddobberde in een container. Er zat dus niets anders op dan gebruik te maken van de middelen die voorhanden waren. Zo draaide ik mijn eerste kilometers op mijn strandfiets met 26 inch wielen en dikke banden. Ook op de oude Motobecane racefiets van Charlotte heb ik de nodige kilometers gemaakt. Gelukkig is mijn Gazelle een kleine 2 weken geleden weer gearriveerd. Het echte trainen kan dus beginnen. Het Nederlandse weer werkt tot nog toe niet erg mee, maar dat mag de pret niet drukken. Om geen blessures op te lopen bouw ik de training rustig op. Gelukkig begint de kracht in de benen langzaam terug te keren en kan ik de frequentie, lengte en gemiddelde snelheid rustig opschroeven.

Naast het trainen op de fiets gaat ook de voorbereiding op andere vlakken door. Zo heb ik inmiddels een begin gemaakt met het uitstippelen van de beste route. Ga ik voor de kortste, de vlakste of toch voor de mooiste route? Een combinatie van Google Maps, Google Earth en verschillende sites die helpen met het uitstippelen van een GPS route moeten uitkomst bieden.

Dan blijven er nog 101 dingen over die beslist moeten worden: Op wat voor fiets ga ik rijden? Hoe ga ik overnachten? Wat ga ik eten onderweg? Welke kleding kies ik? Voorlopig ben ik dus nog wel even zoet met de voorbereidingen.

1,5 Jaar geleden zag ik dit filmpje langskomen op Youtube. Op de fiets heel Europa doorkruisen, dat was nog eens een uitdaging. Eentje die ik mijzelf niet snel zag najagen. Hoe moest ik hier immers voor trainen naast mijn werk? Een half jaar geleden, ik had mijn baan inmiddels verruild voor een verblijf in Suriname, kwam er een bericht voorbij dat de inschrijving voor de editie van 2015 open ging. Het was nu of nooit voor mijn gevoel. Ik wist dat ik terug zou keren naar Nederland en nog geen enkele verplichting stond de training in de weg. Als ik deze uitdaging ooit nog eens met mezelf zou willen aangaan was dit het moment. Ik besloot er voor te gaan. Volg hier mijn avontuur.